Levensteken


Lééf je nog? Ja ik leef nog. Vanwege de sociale media (@Waterfietser, Facebook, Strava) is het schrijven van columns nogal in het slop geraakt.

Het fietsen is daarentegen niet in het slop geraakt, zo weten mijn trouwe volgertjes. Er is het afgelopen jaar een ATB en een fietsclub bijgekomen, met alle verplichtingen van dien. Elk jaar draai ik trouw mijn kilometertjes, en elk jaar komen er nieuwe en gekkere tochtjes bij.

Om te beginnen met die ATB. Een mooi titanium exemplaar, net als mijn racefiets. In november gekocht en vorige week voor het eerste beurtje gebracht. Wat ik ermee gedaan had, belde de fietsenmaker. Nou, gewoon, fietsen. Bijna wekelijks met een groepje dorpsgekken op dinsdagavond in het donker een paar uur in het rood rijden bijvoorbeeld. En een paar zaterdagen strandraces gereden waarin ik zeer verdienstelijk in het linkerrijtje ben geëindigd. Dat laatste zal wel de reden zijn dat ik maar liefst 389 Euro aan losgeld moet betalen voor de 29-er. Ik had hem goed bijgehouden hoor, maar alles was tot op de draad versleten. In de ketting kon je een knoop leggen. Na 1500 kilometertjes….

Inmiddels is het raceseizoen weer aangebroken. Het eerste Markermeerrondje boven de 30 p/u zit erop. En met die nieuwe fietsclub heb ik nieuwe vrienden ontmoet die nog harder en nog gekker rijden. Te beginnen vorig jaar met de Transalp (een wedstrijd van Duitsland naar Italië in zeven dagen) en een 24 uurs wedstrijd op het circuit van de Nürburgring. Beide onder erbarmelijke omstandigheden. Dat soort gezamenlijke inspanningen schept vrienden voor het leven. Wie eenmaal een week in sneeuw en regen fietsend in de Alpen samen heeft doorgebracht, heeft een onverbrekelijke band.

En afgelopen weekend vier dagen met mijn nieuwe cluppie naar de Ardennen geweest. Kloteweer, maar dat was voor mij en mijn 29 clubgenoten geen probleem. Lekker 4 á 500 kilometer doorgeknald. Hoe harder je rijdt, hoe warmer het is. Mooie kerels allemaal. Mariniers, koks, journalisten; van alles door elkaar maar allemaal één grote passie. Fietsen en dat zo hard mogelijk.

Stuk voor stuk waren ze jonger dan ik dus zij moesten mij, en ik hen voorblijven. Elke helling weer.

Het meest bijzondere dit weekend? Twee leden van het eerste uur. Eentje in een rolstoel en handbike en de ander met een vastgezette elleboog en een beetje scheef op de fiets. Die in de rolstoel is een jaar of vijf geleden op een auto geknald en liep een dwarslaesie op, die met de elleboog kwam in een ander tochtje onder een auto die remmend over hem heen schoof. Allebei meer dood dan levend na een mooi fietstochtje. En toch nog erbij horen.

Dat houdt me wel bezig. Het gaat zó vaak nét goed… Maar als het fout gaat sta je voor je zwaarste wedstrijd ooit. Zo zwaar, daar kan geen berg of slecht weer tegenop. Dan heb je je clubmaten hard nodig om je een beetje uit de wind te houden. En dat wens ik jullie allen van harte toe.

 

Ik zie net dat de jongen waar ik over schrijf een boek heeft geschreven over zijn ongeluk.

Link naar boek